7 (volt. deelwoord als bijv. naamwoord)

Vul het bijvoeglijk naamwoord in. (Het ingevulde woord is GEEN werkwoord!)

Schrijf de bijvoeglijke naamwoorden gewoon op zoals je het hoort! Als het voltooid deelwoord op ..EN eindigt dan eindigt het bijvoeglijk naamwoord ook op ..EN. Eindigt het voltooid deelwoord op ..T of..D dan gewoon meteen een E plakken.
Het ijzer is GEBOGEN. Het GEBOGEN ijzer is kapot.
De weg is VERBREED. De VERBREDE weg is mooi.

1 De (ontvluchten) gevangenen werden dezelfde dag aangehouden.
2 De verdachte werd in (verzekeren) bewaring gesteld.
3 De totaal (vervuilen) oude man werd in een inrichting opgenomen.
4 De (behalen) resultaten waren teleurstellend.
5 De (ontveemden) sieraden werden door de recherche opgespoord.
6 Wie is de meest (fotograferen) filmster ter wereld?
7 Het (aanbesteden) werk wordt binnen een jaar uitgevoerd.
8 (Innaaien) boeken zijn goedkoper dan (binden) exemplaren.
9 De daders van de roofoverval kwamen met (trekken) pistool het huis binnen.
10 Het (begroten) tekort liep in de duizenden.
11 Het (opwinden) publiek raakte in paniek.
12 Met een (verbijten) gezicht hoorde de beklaagde de tegen hem (eisen) straf aan.
13 Het (stranden) schip werd vlot getrokken.
14 Op het filmfestival werd een door een Nederlander (vervaardigen) film bekroond.
15 De (aanbranden) pap was niet te eten.
16 De (aankopen) drukpers voldeed in alle opzichten.
17 De (plukken) appelen bleken nog niet rijp.
18 De (redden) drenkeling werd naar het ziekenhuis vervoerd.
19 Het (afbranden) stadhuis biedt een mistroostige aanblik.
20 De wind joeg de (afvallen) bladeren op.